Is het toegestaan om uw leaseauto wel of juist niet te verhuren?

Leaseautorijders kunnen de bijtelling deels terugverdienen door af en toe hun auto te verhuren, aldus bericht de Telegraaf. Maar mag je een leaseauto zomaar doorverhuren?

Wanneer u een leaseauto krijgt, maakt u daarover (schriftelijke) met de leasemaatschappij. Indien u werknemer bent, komen daar vaak nog de (schriftelijke) afspraken met uw werkgever bij. In deze afspraken is doorgaans ook geregeld wat u wel en niet met de leaseauto mag doen. Veelal zal in deze afspraken geregeld zijn dat u de auto niet gratis of tegen betaling aan een ander mag meegeven.

Nadere bestudering van het bericht in de Telegraaf leert ook dat het om een specifieke leasemaatschappij gaat die dit voor haar leaserijders mogelijk maakt (Athlon Car Lease). Mocht u uw leaseauto willen verhuren, kijk dan in uw contract goed na of dit wel is toegestaan, of neem contact op met uw werkgever en/of leasemaatschappij.

 

Geplaatst in arbeidsrecht | Tags: , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

De Reclame Code Commissie

In 2011 heeft de Reclame Code Commissie ruim 1.500 beslissingen genomen en hierbij ruim 537 keer een adverteerder op de vingers getikt wegens overtreding van de reclameregels, aldus haar eigen jaarverslag. Wat heeft dit voor gevolgen voor de adverteerder?

In eerste instantie weinig. De Reclame Code Commissie kan alleen maar verzoeken om de betreffende advertentie te verwijderen. Wordt dit verzoek niet gehonoreerd, dan heeft zij geen verdere mogelijkheden om boetes op te leggen of andere dwangmiddelen toe te passen. De enige sanctie die zij kan opleggen is om de naam van de adverteerder op haar website te vermelden. Daar zal de gemiddelde adverteerder dan ook niet wakker van liggen.

Dat de Reclame Code Commissie een tandeloze tijger is, wil nog niet zeggen dat iedere reclame-uiting zondermeer is toegestaan. Naast de brancheverenigingen die toezicht kunnen houden op hun leden en concurrenten die bij iedere reclame-uiting nagaan of er onrechtmatig tegen hen is gehandeld, is sinds 1 januari 2007 een nieuwe toezichthouder actief, “De Consumentenautoriteit”.

De Consumentenautoriteit is een onderdeel van het Ministerie van Economische Zaken en heeft tot taak om toezicht te houden op het algemene consumentenrecht. Hieronder vallen ook de regels over misleidende reclame.

Er is sprake van misleidende reclame wanneer:

  1. De informatie die aan de consument wordt verstrekt onjuist is, of als de informatie die gegeven wordt weliswaar feitelijk correct is, maar waarbij de gemiddelde consument op enigerlei wijze wordt misleid;
  2. Er wordt nagelaten om aan de consument informatie te geven die voor de gemiddelde consument belangrijk is om een goede keuze te maken over een aankoop waardoor deze gemiddelde consument een besluit over een aankoop neemt of kan nemen die hij bij volledige informatie niet genomen zou hebben.

Waar de Reclame Code Commissie geen mogelijkheden heeft om op te treden tegen misleidende reclame, heeft de Consumentenautoriteit dat wel. Zo kan de Consumentenautoriteit zowel een boete als een last onder dwangsom opleggen voor iedere dag dat de overtreding voortduurt.

Het zal dan ook niemand verbazen dat de Reclame Code Commissie en de Consumentenautoriteit een samenwerking zijn aangegaan. De Reclame Code Commissie controleert eerst of er sprake is van misleidende reclame en zal zo nodig sommeren om een einde te maken aan deze reclame uiting. Wanneer de adverteerder aan deze sommatie geen gehoor geeft, wordt alsnog de Consumentenautoriteit ingezet die wel dwangmiddelen kan inzetten.

Wanneer de Reclame Code Commissie oordeelt dat er sprake is van misleidende reclame bij consumentenproducten, dan is het raadzaam om haar aanwijzingen toch op te volgen om zo een boete van de Consumentenautoriteit te voorkomen.

Mocht u nog vragen hebben over misleidende reclame, oneerlijke handelspraktijken of de werkzaamheden van de reclame Code Commissie en de Consumentenautoriteit, dan staan onze huisadvocaten u daarover graag te woord.

Geplaatst in ondernemingsrecht | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Onderneming starten? Welke rechtsvorm kiest u!? De eenmanszaak is populair.

In Nederland zijn in 2011 7% meer bedrijven opgericht, dan opgeheven. Ruim 67% van deze nieuwe ondernemingen was een eenmanszaak, tegen zo’n 55% in 2006. Van de nieuwe bedrijven was ongeveer 20% (14.000) een adviesbureau. De eerste jaren na de start blijken het moeilijkst. Van alle bedrijven die in 2007 zijn opgericht is bijna 20% binnen een jaar al weer gestopt. Zo schrijft het CBS onlangs.

Indien u een onderneming start, is het belangrijk om na te denken over de rechtsvorm, in welke vorm wilt u de onderneming starten. Hieronder de twee meest voorkomende rechtsvormen, met daarbij enkele kenmerken.

Eenmanszaak

  • U drijft de onderneming voor uw eigen rekening en risico = persoonlijk aansprakelijk voor alle schulden.
  • Snel en eenvoudig opgericht zonder verplicht startkapitaal.
  • Administratief en fiscaal eenvoudig en diverse fiscale voordelen voor starters.

Besloten vennootschap (BV)

  • U drijft de onderneming niet voor uw eigen rekening en risico, maar via een rechtspersoon = niet de ondernemer persoonlijk, maar de rechtspersoon is aansprakelijk voor alle schulden (behoudens wanbeleid).
  • Oprichting via de notaris en startkapitaal minimaal € 18.000,-.
  •  O.a. jaarrekening verplicht.

Welke rechtsvorm is nu geschikt voor u?
Juridisch gezien, dus volgens onze advocaten, is de BV altijd het beste, daar u dan in beginsel niet persoonlijk aansprakelijk bent voor de schulden. (Bij een eenmanszaak gaat de ondernemer persoonlijk failliet, bij een vennootschap gaat in beginsel enkel de rechtspersoon failliet en niet de ondernemer persoonlijk). Financieel en fiscaal gezien, wordt doorgaans gezegd dat bij een lage winst een eenmanszaak beter is en bij een hoge winst een vennootschap. Uw accountant/fiscalist kan u hier uiteraard meer over vertellen.

Geplaatst in bestuursrecht, fiscaal juridisch | Tags: , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Financieel Dagblad: 30% jaarstukken te laat gedeponeerd!

30% van de ondernemers deponeert zijn jaarstukken niet op tijd, zo schrijft het FD recentelijk. Onder hen zouden veel mensen zitten met een voorbeeldfunctie zoals politici en zelfs enkele topadvocaten. Uit het artikel in het FD blijkt ook dat niet tot de laatste dag met het deponeren gewacht moet worden, omdat de Kamer van koophandel nog enige verwerkingstijd nodig heeft.

Een rechtspersoon is op grond van de wet verplicht tot openbaarmaking van de jaarrekening, door deze te deponeren bij de Kamer van Koophandel. Het niet, of niet tijdig, deponeren van de jaarstukken is niet alleen een economisch delict (boete maximaal € 19.000,-), maar geeft bij een eventueel faillissement tevens een vermoeden van wanbeleid, op grond waarvan de curator de bestuurder(s) van de vennootschap persoonlijk aansprakelijk kan stellen voor alle schulden. Daarnaast is deponeren vaak van invloed op de beoordeling van de kredietwaardigheid van een onderneming. Oftewel, voldoende redenen om tijdig de jaarstukken te deponeren. Let op! Niet de accountant, maar de bestuurders van een rechtspersoon zelf zijn verantwoordelijk voor tijdige deponering.

Wilt u weten, wie, wanneer, waar en hoe de jaarstukken gedeponeerd moeten worden, klik dan hier voor een overzicht van de Kamer van Koophandel.

Geplaatst in bestuursrecht, ondernemingsrecht | Tags: , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Ontslag op staande voet postbode om te late bezorging onterecht !

PostNL mag een postbode die zijn post –in strijd met de bedrijfsregels- op zondag bezorgde in plaats van zaterdag, niet op staande voet ontslaan. De kantonrechter ziet niet in dat het vertrouwen in de postbode enkel daardoor, volledig bij PostNL is verdwenen. Er zou enkel plaats zijn voor een minder zware straf, aldus de voorzieningenrechter te Almelo. Dit meldt de Telegraaf onlangs.

De postbode had een deel van de post die hij op zaterdag moest bezorgen, op zondag bezorgd. Dit omdat hij zaterdag een privé afspraak had. De postbode meldde achteraf zelf dat hij de post een dagje later had bezorgd, er waren geen klachten binnen gekomen. Dit alles in aanmerking nemende oordeelde de rechter in kort geding dat er gelet op alle feiten en omstandigheden geen plaats was voor ontslag op staande voet. Gevolg: Het ontslag op staande voet werd nietig verklaard, de postbode was dus niet ontslagen en heeft met terugwerkende kracht recht op doorbetaling van zijn salaris. PostNL zal de postbode weer aan het werk moeten zetten, of alsnog een ontslagprocedure moeten starten, waarbij de kans bestaat dat de rechter ook daarvoor geen toestemming zal geven.

Een werkgever kan een arbeidsovereenkomst per direct opzeggen (ontslag op staande voet), echter enkel indien er sprake is van een dringende reden. Ontslag op staande voet dient direct nadat de werkgever bekend is geworden met deze dringende reden te worden gegeven (hiermee mag niet worden gewacht), onder aanzegging van de reden en schriftelijke bevestiging daarvan (zorg voor ontvangstbewijs).

Onder dringende reden wordt volgens de wet (art. 7:678 BW) verstaan: zodanige daden, eigenschappen of gedragingen van de werknemer, die het gevolg hebben dat in redelijkheid niet meer van de werkgever kan worden verlengd dat deze de arbeidsovereenkomst laat voortduren. De wet geeft vervolgens enkele voorbeelden. Over het algemeen kan gezegd worden, dat in de jurisprudentie zware eisen worden gesteld aan de inhoud van de dringende reden. Niet iedere ‘praktische’ dringende reden, wordt ook door de rechter ‘juridisch’ als voldoende dringend uitgelegd. Zo zal een rechter altijd kijken naar alle relevante feiten en omstandigheden dus niet alleen naar de belangen van de werkgever, maar ook naar die van de werknemer, alsmede of er niet (eerst) volstaan had kunnen worden met een minder zware sanctie. Hierbij moet worden aangetekend dat de uitspraken per rechter kunnen verschillen.

Ben dus voorzichtig met het geven van ontslag op staande voet. Indien u ontslag op staande voet geeft, loop dan altijd onderstaand stappenplan na:
[1] Is er een dringende reden, die ook door een rechter als voldoende dringend zal worden erkend?
[2] Zo ja, zorg dan dat u direct hierna de werknemer ontslaat op staande voet onder aanzegging van de reden.
[3] Bevestig hierna de gang van zaken in een brief welke u overhandigd en/of toestuurt aan de werknemer en waarbij u zorgt voor een ontvangstbevestiging.
[4] Indien u er niet (voldoende) van overtuigd bent dat het ontslag op staande voet stand houdt, verzoek de rechter dan tevens om een voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst zodat de arbeidsovereenkomst niet door blijft lopen.

Meer informatie over dit onderwerp? Raadpleeg uw huisadvocaat.

Geplaatst in arbeidsrecht | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Auto lijkt te veel op politieauto, mag niet! Auteursrecht op striping politieauto!

Iedereen heeft ze wel eens gezien, auto’s van een particulier beveiligingsbedrijf die (vrijwel) net zo zijn bestickerd als een politieauto. De politie (Staat der Nederlanden) is hier niet blij mee en is onlangs een kort geding begonnen tegen een van deze bedrijven. Zij legde in de procedure ten grondslag, dat er inbreuk wordt gemaakt op het auteursrecht dat rust op de huisstijl van een politieauto, welk auteursrecht in handen is van de politie.

Auteursrecht is kort gezegd het recht van de maker van een werk, om dit werk openbaar te maken of te verveelvoudigen. De maker kan dit recht overdragen, bijvoorbeeld aan zijn opdrachtgever. Een en ander is ander uitgewerkt in de Auteurswet.

De politie stelde in de procedure dat er auteursrecht rust op de huisstijl van politieauto’s, dat de maker deze had overgedragen aan de politie, alsmede dat de striping van het beveiligingsbedrijf inbreuk maakt op dit auteursrecht. Het beveiligingsbedrijf stelde echter dat haar striping geen inbreuk maakte, omdat deze niet volledig gelijk was en ook niet zou leiden tot verwarring. Bovendien gaf zij aan, dat zij belang heeft bij een gelijkende striping, omdat daar een betrouwbare, dienstverlenende en controlerende uitstraling vanuit gaat, die haar in de beveiligingsbranche goed van pas komt.

De kort geding rechter oordeelde allereerst dat niet in geschil is dat de striping van politieauto’s auteursrechtelijk beschermd is. Vervolgens oordeelde hij dat de striping van de beveiligingsauto’s inderdaad enigszins afwijkend was, maar dat de verschillen zo klein zijn, dat er wel degelijk verwarring te duchten valt en sprake is van inbreuk op het auteursrecht van de politie. De rechter oordeelde verder dat het begrijpelijk was dat een beveiligingsbedrijf wil aanhaken bij de huisstijl van de politie, maar dit de inbreuk op het auteursrecht niet minder ernstig maakt. Bovendien heeft de politie als staatsorgaan er juist belang bij dat particuliere organisaties niet aanhaken bij haar huisstijl. Uiteindelijk oordeelde de rechter dat het beveiligingsbedrijf de striping van haar auto’s moest verwijderen.

Geplaatst in intellectueel eigendom | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Wel of geen administratiekosten bij boete CJIB?

Op 9 februari jl. oordeelde de kantonrechter te Amsterdam dat de overheid geen administratiekosten bovenop een geldboete in rekening mag brengen. Hoe zit dat precies?

De kantonrechter oordeelde dat de wetgever als uitgangspunt hanteert dat de kosten van straffen ten laste van de overheid komen. De wetgever heeft in 2009 voor geldboetes echter een uitzondering gemaakt. Nu deze uitzondering niet is vastgelegd in een formele wet, acht de kantonrechter zich bevoegd om deze uitzondering te toetsen aan hogere regelgeving, waaronder ook de algemene beginselen van het strafrecht, waaronder het beginsel dat de kosten van straffen, bij de overheid liggen. Nu de bepaling in strijd is met dit beginsel, oordeelde de kantonrechter dat de overheid geen administratiekosten bovenop geldboetes in rekening mag brengen.

Het CJIB dat geldboetes voor de overheid (Openbaar Ministerie) incasseert, blijft de administratiekosten echter gewoon in rekening brengen. Het CJIB en het OM stellen zich op het standpunt dat de uitspraak slechts ziet op de betreffende individuele zaak, alsmede dat hiertegen hoger beroep is aangetekend. Hoe nu te handelen?

Natuurlijk kunt u gewoon alles betalen, in de hoop de administratiekosten later terug te krijgen, indien de uitspraak ook in beroep stand houdt en mogelijk wel door het OM en CJIB gevolgd worden. Indien u een juridisch sterkere positie wenst, adviseren wij u om tegen iedere boete waarbij administratiekosten in rekening zijn gebracht direct bezwaar te maken en in beroep te gaan volgens de daarvoor geldende procedures. Alleen dan weet u zeker dat ook in uw geval er een oordeel zal komen over het wel of niet verschuldigd zijn van de administratiekosten. Het gaat echter per boete maar om een paar euro.

Overigens kan de overheid dit ‘probleem’ vrij eenvoudig herstellen, door de administratiekosten weg te laten en de boetes met een gelijk bedrag te verhogen of de regeling alsnog vast te leggen in een formele wet.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen